In ‘De calamiteitenclub’ maken we kennis met Birdie, een jonge vrouw. Na het overlijden van haar vader stapelen de problemen zich op. Wanneer haar moeder aangeeft dat ze dringend extra geld nodig hebben, is het tijd voor Birdie om op de trein te stappen naar haar zus, die getrouwd is met een vermogend man. Birdie wordt enigszins met open armen ontvangen, maar de afstand tussen de twee zussen is voelbaar. Frances stemt ermee in om haar te helpen, maar Birdie moet wel bijspringen bij het weeshuis waar haar zus een helpende hand biedt. Iets dat de jonge Birdie met liefde doet, het is alleen daar dat ze al snel op een aantal misstanden stuit waar ze niet haar ogen voor kan sluiten. Ze ontmoet de elfjarige Meg en dan ontstaat er een bijzondere band tussen die twee. Hoewel ze meer dan tien jaar van elkaar verschillen, zijn er veel gelijkenissen tussen de twee te vinden. Allebei zijn heerlijk koppig en gaan hun eigen weg.
Stockett verrast ons met een verhaal waarin meerdere beladen onderwerpen zoals vrouwenonderdrukking, kinderleed, misbruik en onder andere rassenverschillen naar voren komen. Onderwerpen die de schrijfster met veel respect beschrijft maar ze drukt je wel met je neus op de feiten en is niet bang om de schrijnende details mee te nemen in haar verhaal. En ja, dat komt bij je binnen en maakt dat je alleen maar ademloos kunt blijven doorlezen.