We lezen vanuit Ira, een 20-jarige seriemoordenaar en pathologisch leugenaar. Clarissa is een psychotherapeut van middelbare leeftijd. Ze is bekend door tv-optredens en interviews. Voor haar is elke patiënt iemand die alleen zij kan redden. Nadien volgen we ook haar man Pekka en journalist Arto.
Dit verhaal begint stevig. Er is net een bloederige moord gepleegd door Ira. In een poging haar moordneigingen te bedwingen besluit ze in therapie te gaan bij Clarissa , de hoogst aangeschreven deskundige op het gebied van seksueel geweld en misbruik. Vanaf het begin hangt er een mysterieuze sfeer rond hun therapeutische sessies en ontvouwt zich een kat en muisspel waarin geen van beiden zich aan de regels houdt.
Lange tijd vroeg ik mij af wat Arto, een aan alcohol verslaafde journalist, en Pekka, de echtgenoot van Clarissa, nu precies met het verhaal te maken hebben. Vooral omdat de focus lange tijd op de sessies van Clarissa en Ira ligt. Dan komt het verhaal in een stroomversnelling en gaat de beerput open, de waarheid komt eindelijk aan het licht. Het wordt duidelijk wat de vier personages bindt en dit vond ik erg goed uitgedacht.
Wat ik sterk vond aan dit boek, is de manier waarop de korte hoofdstukken zijn geschreven. Elk hoofdstuk wordt verteld vanuit een ander personage waarin die persoon zelf aan het woord is. Alsof ik naar een talkshow zat te kijken waarin iedereen om de beurt mij probeerde te overtuigen van wat ze zeggen. Een psychologische thriller ten top.